Afschrijving op ter beschikking gestelde, geleasete apparatuur toegestaan

Bron: Hof Amsterdam | jurisprudentie | 11-05-2017

Om te kunnen afschrijven op een bedrijfsmiddel moet ten minste sprake zijn van economische eigendom. Iemand is de economische eigenaar wanneer hij het volledige risico van waardeverandering en van tenietgaan van een zaak draagt. Voor de beoordeling van de vraag of de economische eigendom van een geleaset goed is overgegaan van de lessor naar de lessee moet alleen naar de verhouding tussen deze partijen worden gekeken. Niet van belang is dat de lessee het risico van waardeverandering of tenietgaan van de zaak geheel of ten dele op een derde afwentelt, bijvoorbeeld door de zaak te verhuren. De Hoge Raad is van oordeel dat ook als een leasecontract niet de verplichting maar alleen een optie tot koop bevat, de economische eigendom kan zijn overgegaan op de lessee. Daarvoor moet gekeken worden naar de uitleg van de leasevorm in het contract en naar de hoogte van de overnamevergoeding aan het einde van de looptijd.

Hof Amsterdam moest beoordelen of een aanmerkelijkbelanghouder, die geleasete bedrijfsmiddelen aan de eigen bv ter beschikking stelde, mocht afschrijven op deze bedrijfsmiddelen. Volgens het hof is de aanmerkelijkbelanghouder economisch eigenaar op grond van de leasecontracten. De inspecteur stelde dat niet de aanmerkelijkbelanghouder maar de bv het risico van tenietgaan van de apparatuur droeg omdat de apparatuur door de bv was verzekerd. Daarnaast zou uit de huurovereenkomst voortvloeien dat ook de waardevermindering van de apparatuur voor rekening van de bv kwam. Het hof deelde dat standpunt van de inspecteur niet maar vond aannemelijk dat de apparatuur om praktische redenen onder een bestaande verzekering van de bv was gebracht en dat in verband daarmee een lagere huur in rekening werd gebracht.

Na de beëindiging van de leaseovereenkomsten werd de verhuur van de apparatuur aan de bv voortgezet. De inspecteur slaagde er niet in om aannemelijk te maken dat de verhuur van de apparatuur geen economische activiteit was. Volgens de inspecteur kon de verhuur door afschrijving op de apparatuur niet tot een positief resultaat leiden. Na afloop van de afschrijvingstermijn was de opbrengst van de verhuur hoger dan de kosten en lasten die met de verhuur samenhingen en was het resultaat positief. Hof Amsterdam was van oordeel dat de aanmerkelijkbelanghouder mocht afschrijven op de apparatuur.